KOMT EEN MAN BIJ DE DOKTER. JA, EN?

5 november 2016 Plaats een reactie

Je bent 50 geweest én man. Dan kun je last krijgen van een steeds groter wordende prostaat. Ik begon dat te merken wanneer ik met een volle blaas naast drie andere mannen in de toilet bij de urinoirs stond. Tegen de tijd dat ik mijn blaas geleegd had, was mij gezelschap al twee maal van gezicht veranderd.

Huisarts

Op naar de huisarts. Gelukkig heb ik een fijne huisarts. 100% vertrouwen. Goede kerel. Ik vertel mijn ervaringen met andere mannen in het urinoir. De legale versie. “Gaat u maar even op uw zij liggen, meneer Wijn”. “Uh, wat?” Wanneer je dan die vriendelijke man een rubberen handschoen aan ziet trekken, oogt hij plotseling minder vriendelijk. “Dokter, ik begrijp nu wat er gaat gebeuren, dat zal nodig zijn, maar ik heb nog een vraag. Zou u die grijns van uw gezicht kunnen halen?” Hij heeft namelijk ook humor…

Het was duidelijk. Mijn prostaat was groter dan normaal. En zo’n ding blijft groeien, zo begreep ik. Omdat we dezelfde humor hebben, vraag ik hem ook nog “Of dat straks problemen gaat geven met slikken”. Ook zijn dag was weer goed.

Pilletje

Om op een simpele wijze dit probleem te tackelen, schrijft mijn huisarts een pilletje voor. Een pilletje dat maakt dat de plasbuis wat wijder wordt. Het helpt. Alleen de bijwerking die slechts voorkomt bij minder dan 1% van de gebruikers, dient zich bij mij aan. Alsof een duiveluitdrijver een houten wig in je hart ramt. Ik dacht even dat ik dood ging. De pil blijkt erger dan de kwaal.

Ziekenhuis

Uiteindelijk verwijst de huisarts mij door naar het ziekenhuis, afdeling Urologie. Na de intake maken wij een vervolgafspraak. “Meldt u zich om 8.00 uur ’s morgens met een volle blaas, meneer Wijn. Dus veel water drinken. Op een speciaal toiletblok meten we dan de straaldruk en kunnen we een beginanalyse maken”.

’s Ochtends voor het douchen, tijdens het douchen, na het douchen en in de auto op weg naar het ziekenhuis giet ik het ene na het andere bidon achterover. Mijn blaas is vol! De verkeersdrempels lijken dan hoger dan normaal, remmen voor het rood verkeerslicht is een opgave en uitstappen op de parkeerplaats is een hele toer. Liever de lift dan de trap en de laatste honderd meter tot aan de balie van de wachtkamer is een marathon.

Net voor de finishlijn hoor ik een gezaag en geklop? Wanden zijn afgezet met houten planken. De dame bij de finishlijn vraagt vriendelijk naar mijn naam. “Ach. Meneer Wijn. U komt voor de plastest. U zult wel gezien hebben dat we stevig aan het verbouwen zijn. De druk WC wordt vervangen. U kunt vandaag niet terecht!”

Met mijn hoofd schuin naar achteren probeer ik al gorgelend aan te geven dat ik een volle-blaas-probleem ervaar. Gelukkig is de dame een rot in het vak en ziet in een oogopslag mijn acute probleem. “De gewone toiletten zijn dertig meter rechtdoor. Die dertig meter zijn de langste dertig meter die ik me kan heugen. Twintig minuten later (prostaatproblemen bij een volle blaas zijn het ergst) kom ik voldaan terug. De tijd die ingepland stond voor mijn testjes wil ik toch ten volle benutten. Ik vraag de dame in kwestie of zij altijd de patiëntendossiers pas open slaat als deze voor haar neus staat.

Tip

Een niet-begrijpende blik is mijn oogst. “Had u de eerste vijf patiënten van deze ochtend niet alvast om 7.30 uur kunnen afbellen?” Een logische vraag toch? Dossiers zijn immers eigenlijk mensen. Mensen met agenda’s. Mensen die graag geïnformeerd willen zijn. “Zo werken wij hier niet”, hapert ze nog voorzichtig.

Mijn tip aan haar. What about zelf nadenken en proactief de planning maken en patiënten/klanten benaderen, is dat hier verboden?

Advies

Mijn adviesbriefje aan de Voorzitter van hun Raad van Toezicht viel binnen vier dagen op de mat van het afdelingshoofd. Ik werd proactief gebeld met de mededeling dat de procedures zouden worden aangepast om dit soort simpele misverstanden in de toekomst te voorkomen. In alle rust accepteerde ze mijn ongevraagde adviezen. Ze was niet eens pissig.

Advertenties
Categorieën:Humor, Inspirerend Tags: , , ,

Is jouw medewerker een eend of een konijn?

23 juni 2016 1 reactie

Ooit was ik manager en directeur. In die rol moest ik vaak functionerings- en beoordelingsgesprekken voeren. Daarbij vond ik het vooral belangrijk om eerlijk te zijn. Door het jaar heen feedback geven en krijgen, zodat we aan het einde van iedere periode deze gesprekken konden voeren.

Met name de functioneringsgesprekken vond ik boeiend. Praten over iemands kwaliteiten en functioneren. Is de functionaris een leuke man of vrouw? Wel fijn, maar niet relevant. Functioneert de functionaris goed of niet? Dat is de vraag.

Voorafgaand aan zo’n functioneringsgesprek moet je als leidinggevende jezelf afvragen of jouw afdeling een vijver is of een weiland.

  • Is jouw afdeling een vijver? Dan heb je behoefte aan eenden.
  • Is jouw afdeling een weiland? Dan heb je behoefte aan konijnen.

Konijn-eend

Is jouw afdeling een vijver en de medewerker een (nog) niet goed functionerende eend? Dan stuur je de eend naar zwemles, zodat hij/zij beter leert zwemmen.

Is jouw afdeling een vijver en de medewerker een (nog) niet goed functionerend konijn? Dan verdient hij/zij een plek in een weiland verderop in jouw bedrijf of extern. Konijnen naar zwemles sturen, is namelijk onzin. Gedoemd te mislukken. Konijnen verdrinken.

Is jouw afdeling een weiland en de medewerker een (nog) niet goed functionerend konijn? Dan stuur je het konijn naar hardlooptraining, zodat hij/zij beter leert te rennen.

Is jouw afdeling een weiland en de medewerker een (nog) niet functionerende eend? Dan verdient hij/zij een plek in een vijver verderop in jouw bedrijf of extern. Eenden naar hardlooptraining sturen, is namelijk onzin. Gedoemd te mislukken. De snelste eend redt het nooit tegen het langzaamste konijn.

Dus. Beste leidinggevende, stel jezelf de 2 relevante vragen.

  1. Is mijn afdeling een vijver of een weiland?
  2. Hebben mijn medewerkers een vacht of hebben zij veren?

En ben in functioneringsgesprekken goudeerlijk, want eenden worden doodongelukkig in het weiland en konijnen krijgen kramp van het boven water blijven. Eenden willen in vijvers zwemmen en konijnen in weilanden rennen.

Daar worden ze blij van!

donald-duck

 

Nét werken of netwerken

26 januari 2016 Plaats een reactie

Tsja, netwerken.

Netwerken

Op alle nieuwjaarsrecepties zie je het weer gebeuren. IJverige netwerkers die druk bezig zijn om alles en iedereen te zien en te spreken. Pakken visitekaartjes proberen ze er doorheen te jagen. En waarom? Meestal omdat hun baas vindt dat ze moeten ‘netwerken’. Het is dan ook nét-werken, zo luidt de standaardgrap.

TOILET

In mijn jonge jaren deed ik er maar wat graag aan mee. Nog nét geen kaartjes uitdelen op het herentoilet, want ging zelfs mij te ver. Maar al het andere was geoorloofd. “Wie ik allemaal wel niet gesproken had gisteren” klonk het dan de volgende dag op kantoor. Een bijzondere invulling van netwerken….

Ook nu vind ik het plezierig om leuke mensen te treffen in een prettige omgeving. Praten over wat hen en mij bezig houdt. Zakelijk. Privé. Dromen. Reëel of niet. Zolang het mij boeit, kan ik daarvan genieten. Maar dat is anders dan netwerken.

FRANKRIJK

Jaren geleden was ik op zoek naar een huisje in Frankrijk. Wanneer mensen mij dan op een netwerkborrel vroegen “hoe vind je dat dan, zo’n huisje in Frankrijk” dan ging ik helemaal los. Waar ik zocht, hoe ik zocht, welke makelaars ik al had bezocht, welke vakanties ik al had gebruikt om te zoeken etc. etc. Ik kon er smakelijk over vertellen in geuren en kleuren. Vermakelijk zelfs. En wat schoot ik daar zelf mee op? Nul, noppes, nada. Totdat iemand een column schreef over de spelregels van netwerken.

NIEUWE NETWERKEN

Mijn zoektocht naar een Frans huisje werd met het “nieuwe netwerken” een stuk eenvoudiger. Sta ik weer op zo’n bedrijvenborrel, valt het woord Frankrijk en dus begin ik weer over mijn voornemen om een eigen huisje in de Provence te kopen. Waarop meestal dan de interessevraag weer gesteld werd “hoe vind je dat dan, zo’n huisje in Frankrijk”?

ZINVOL

En nu, in plaats van een vlammend betoog, stel ik de vraag terug. “Ik heb geen idee, jij wél”? Antwoordt mijn gesprekspartner “ik heb werkelijk geen idee” dan valt hij/zij niet in de netwerkcategorie “huisje Frankrijk”. Maar is het antwoord “mijn broer heeft daar vorig jaar een mooi huis gekocht via een bevriend notaris” dan past zo iemand prima in mijn netwerk “huisje Frankrijk”. Kaartjes uitwisselen kan dan zeker zinvol zijn en het vinden van een huisje komt zo weer wat dichterbij. Zeker als ik de naam van de bevriend notaris kan krijgen.

SPOEDCURSUS NETWERKEN

Wat wil je bereiken? Vertel dat op een plezante bijeenkomst en zeg vooral dat je niet weet hoe je er moet komen. Gesprekspartners met goede ervaringen en/of kennis van jouw doel horen vanaf dat moment in jouw netwerk. Zo vind je sneller en beter jouw “Franse huisje” én het bespaart je tientallen kaartjes.

Gespot: Man in rode jurk…

Begin december komt een mannelijke klant een kledingzaak binnen en vraagt om feestelijke kleding voor oud en nieuw. Deze kledingzaak heeft twee afdelingen: Eén voor mannen en één voor vrouwen.

Man of vrouw

De vraag of de klant naar de mannen- of vrouwenafdeling wil gaan, wordt achterwege gelaten. Zijn lichaamsmaten worden opgenomen en de klant krijgt te horen dat de uiteindelijke kledingstukken één zeer feestelijk geheel is geworden. 45 minuten staat de klant buiten met een rode jurk, maat 52. (De zwarte smokingstof was op en erg lagen nog vele meters rode stof, waar een goede marge op te maken was). Ingepakt in een ondoorzichtige tas, verlaat hij de winkel.

Klacht

Op 31 december opent hij de tas, ziet de knalrode jurk i.p.v. een zwarte smoking en gaat zijn beklag doen. De betreffende kleermaker start de discussie door te stellen dat de klacht ongegrond is. De klant had immers zelf in de ondoorzichtige tas kunnen kijken op de dag van de koop én de jurk blijkt passend (maat 52). Bij aanhoudend geklaag moddert de discussie verder over de kleur, de lengte van de mouwen, passend bij de schoenen (elders gekocht) etc.

Vergoeding

Maanden later, én door tussenkomst van de consumentenbond, is de kleermaker bereid om de herstelwerkzaamheden voor het verlengen van de mouwen en het aanzetten van een kraag te vergoeden. Aanhoudende klagers met een advocaat kunnen zelfs de jurk laten verven in de kleur van een smoking op kosten van de kleermaker. Nog geen 5 procent van de mannen gaat er bewust mee akkoord, omdat zij inderdaad een jurk wenst te dragen.

Inventarisatie

Het punt is echter dat de kleermaker de inventarisatie voorafgaand aan het advies/de verkoop zelden goed (of überhaupt niet) heeft uitgevoerd. De discussie met deze winkel moet niet gaan over het aanpassen van de jurk, maar over de juiste inventarisatie, advies en verkoop van feestelijke kleding.

Bewijslast rentederivaten

De bewijslast van de juiste, zorgvuldige handelswijze bij advies en verkoop van rentederivaten ligt bij de bank. De bank moet ‘zwart-op-wit’ aantonen dat dit juist is gebeurd. Dit door middel van het overleggen van juiste, tijdige, door de klant getekende inventarisatielijsten en door middel van aanwezige, schriftelijke, alternatieve offertes. Pas daarna volgen de mogelijke discussies over renteopslagen, overhedge etc. Een nagenoeg onmogelijke opgave voor de bank om dit aan te tonen, om de simpele reden dat zij dit in het verleden zelden zo uitgebreid gedaan heeft. Daarom ook slaat de bank dit gedeelte in haar eigen herbeoordelingen structureel over!

Is deze juiste handelswijze niet ‘zwart-op-wit’ aan te tonen door de bank? Dan is ontbinding van het (koop)contract de enig juiste beslissing en zijn overige discussies overbodig.

Brits voorbeeld

De verkoopbrochures en de websiteteksten die de bank gebruikt hebben in de afgelopen jaren tonen tevens de structurele en bewuste mis-selling van de betreffende producten aan. Een verkoopmethode die Britse banken in juni 2012 hebben toegegeven en de banken ertoe gedwongen hebben om de getroffen bankklanten financieel te (gaan) compenseren. Goed voorbeeld, doet goed volgen?!

In gesprek met uw bank!

18 augustus 2015 6 reacties

Vanuit zijn zorgplicht (‘ken uw klant’) en in verband met het inschatten van zijn risico’s, moet de bank u veel vragen stellen.

U vult daarom vaak ellenlange lijsten in en levert zakelijk stukken aan als jaarcijfers, debiteuren-, crediteuren- en voorraadlijsten, taxatierapporten, prognoses etc. Ook op privégebied wil de bank van de hoed en de rand weten. Belastingaangiftes, hypotheekgegevens, gezinssamenstelling, mogelijke studieschulden, huisje buitenland, uw uitgavenpatroon etc.

Wanneer u dan met uw bank gaat praten, heeft u dus per definitie een grote informatieachterstand. Zakelijk én privé. Hooguit kijkt u een jaarverslag van de bank eens door, maar van de accountmanager en/of directeur heeft u slechts een (zakelijk) visitekaartje met mailadres en telefoonnummer.

Maar hoe weet u of uw gesprekspartner een góede accountmanager of directeur is? Deze bankmensen zijn toevallig wél uw vertrouwenspersonen waarmee u al uw vertrouwelijke informatie deelt.

Daarnaast hebben deze vertrouwenspersonen 2 doelstellingen:

  1. De bank verkopen aan u.
  2. U (intern) verkopen aan de bank.

Uiteraard heeft u dan liever een hele goede accountmanager, die in staat is om uw klantwensen (intern) aan de bank te ‘verkopen’. U heeft namelijk niets aan een interne “sukkel”, die niet serieus genomen wordt door collega’s, kredietbeoordelaars en die ieder jaar een slechte beoordeling op zijn naam heeft staan. Die krijgt weinig tot niets voor u geregeld. Zeker weten. Bovendien wilt u ook graag inschatten of u bij een gezonde bank bankiert. Eén die over 5 jaar ook nog bestaat.

Bankkaart (2)

Vraag:

Wat moet u doen om een gelijkwaardige gesprekspartner te worden en UW bankrisico’s in te schatten?

Antwoord:

Laat uw contactpersonen bij de bank bijgaand formulier invullen (met de bijbehorende bijlagen) en zorg dat deze gegevens u worden toegestuurd vóór er een gesprek plaatsvindt.

Klik op Formulier

Zijn we gek geworden?

9 mei 2015 1 reactie

Er is weer veel gebeurd in bankenland de afgelopen weken.

Weer een aflevering in de soapserie over de hogere beloningen in de bancaire sector.

Nederlandse banken zouden zonder financiële hulp gierend failliet zijn gegaan! (Lees:  alle medewerkers waren in één klap werkloos). En bij een doorstart moeten, praktisch gezien, vaak twee partijen een financiële veer laten. Crediteuren én het personeel. Ik concludeer dat bankbestuurders en medewerkers zich dat hélémaal niet realiseren en daarom zijn de salarissen bij ING en ABN Amro bij deze doorstart onveranderd gebleven. Om daarna met sprongen weer omhoog te gaan, terwijl de consequenties van de bankencrisis nog iedere dag zicht- en voelbaar zijn.

Een hoorzitting van de vaste kamercommissie voor Financiën over het Bijzonder Beheer van banken.

Het onderliggende AFM rapport over de gang van zaken bij Bijzonder Beheer bleek zonde van het gebruikte papier te zijn. Wat was de conclusie uit een steekproef van slechts enkele dossiers? Niks aan de hand. De banken moeten alleen wat beter communiceren met hun klanten. Een serieuze understatement als je dit typerende FTM-artikel leest (en beluistert!).

Een weeïg rapport van toezichthouder AFM over de herbeoordelingen door banken van hun eigen derivatendossiers (Lees: keuren van eigen vlees).

Ik begin te begrijpen waarom toezichthouder AFM halfslachtige rapporten schrijft over het dossier ‘rentederivaten’. In de UK zijn ze hierin al veel  verder dan wij in Nederland, maar dit dossier blijkt een enorm diepe beerput te zijn en dat soort openbaringen kan de bancaire sector écht niet gebruiken. Bij de eerdere “Libor- én Euriborfraude” kon de Rabobank strafvervolging dan ook afkopen met een fooi van € 70 miljoen. Waarom? Eén van de afwegingen om ze daar mee weg te laten komen, is simpel én schokkend tegelijk. Banken staan niet boven de wet, maar…… strafrechtelijk vervolgen doen we niet, want “De financiële sector is gebaat bij rust”.

Vrijbrief

Zijn wij gek geworden?!! Nu wéten banken zéker dat ze met ALLES weg kunnen komen, ondanks de schattige bankierseed en het zogenaamde tuchtrecht.

Eigenlijk best bijzonder, maar van alle betrokken partijen, zoals klanten, toezichthouders, politici, adviseurs, belangenverenigingen en banken begrijp ik de bankiers uiteindelijk nog het best. Ik ben het met hun gedrag en houding absoluut niet eens, maar hun reacties zijn begrijpelijk en voorspelbaar. In alle gevallen is de bankreactie identiek:

  • We herkennen ons er niet in.
  • We zijn er hard mee aan de slag.
  • We gaan nog beter ons best doen.
  • Straks komt alles goed.

Bekennen is vragen om straf

Maar nooit, nee nooit, erkennen ze dat er fouten zijn gemaakt. Want net als in het criminele circuit betekent “bekennen” hetzelfde als “om straf vragen”. Dat doe je niet. Dus kiezen alle banken er voor om de kaken op elkaar te houden en de bewijslast van de fouten bij de ander te leggen via lange klachtenprocedures, het KiFiD-loketje of de kostbare gang naar de rechter.

Dat ontkennen en zwijgen, beste lezers, is helaas een beproefde en succesvolle aanpak gebleken. Vrijspraak is de premie op zwijgen! Wie is er nu gek geworden?

Voorbeeldbrief voor opvragen uitkomsten herbeoordeling

 

…………………… Bank

T.a.v. accountmanager de heer/mevrouw …………

[Adres]

[Postcode] [Plaats]

 

[Plaats],   ………………. 2015,

 

Geachte ……………….

Onlangs vernam ik via diverse media-uitingen dat de banken overgegaan zijn tot herbeoordeling van veel rentederivaten in het MKB. Zoals u weet heb/had* ik bij uw bank ook een rentederivaat. Dit heeft mij aan het denken gezet. U zult begrijpen dat de aanleiding voor de herbeoordelingen en de uitkomsten van dit rapport bij mij de nodige vragen oproepen over mijn eigen situatie.

Ik begreep dat de AFM van mening is dat MKB-ondernemingen duidelijkheid mogen verwachten over het proces en de uitkomsten van de herbeoordeling en dat de AFM ook vindt dat de klanten uiteindelijk allemaal een schriftelijke bevestiging moeten krijgen van de uitkomsten van de herbeoordeling van hun derivaat (of derivaten). Een opstelling die ook geheel in lijn is met de gedachte achter art. 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (de zogenaamde exhibitieplicht).

Hierbij verzoek ik u dan ook vriendelijk om mij antwoord te geven op de volgende vragen.

  • Is mijn rentederivaat in het kader van de herbeoordelingsactie door uw bank herbeoordeeld?
  • Indien dit niet het geval is, kunt u mij dan toelichten waarom herbeoordeling in mijn situatie (nog) niet plaatsgevonden heeft en wanneer deze alsnog plaats zal vinden?
  • Indien de herbeoordeling wèl plaatsgevonden heeft, kunt u mij dan het herbeoordelingsrapport met daarin de uitkomsten van de herbeoordeling toezenden?

Ik hoop spoedig van u te mogen vernemen.

Met vriendelijke groet,

 

Bron: Rik Harmsen, Immix Advocaten

%d bloggers liken dit: