Archief

Archive for mei, 2014

WK en smartphone maken verborgen werkloosheid zichtbaar

In aanloop naar het WK voetballen wordt het duidelijk dat er in Nederland, naast onbetaald supporteren, misschien nog verborgen werkloosheid bestaat.

Stel je bent werkgever en 60% van jouw medewerkers heeft wel wat met voetballen. Zéker bij een WK in Brazilië . Toch spannender zo’n internationaal toernooi in dat exotische land. Leuk voetbal, nog betere entourage. Dus gaat een harde kern, uiteraard tijdens werktijd, ijverig aan de slag met de weddenschappen over de uitslagen, het maken van poules, geld inzamelen en meer. En dan heb je als werkgever tijdens dit WK nog het geluk dat de wedstrijden na 17 uur worden uitgezonden, anders waren de ineffectieve uren echt niet bij te houden.

Hoe ziet dat er nu uit in de rest van het jaar?

Met internet op de werk-PC en op de smartphone is online shoppen tijdens werktijd voor velen een serieuze uitdaging. De uitkomst van een bescheiden onderzoekje geeft aan dat “het online shoppen onder werktijd vooral onder jongeren populair is. Bijna de helft zegt zich weleens online te oriënteren en/of een product te kopen onder werktijd”. Bijna de helft?! Zeker en uitsluitend tijdens de lunchpauze of het toiletbezoek?

En naast online shoppen, heb je dan nog niet-zakelijke activiteiten als Facebook, vakantie boeken, Wordfeud met vriend(inn)en, Candy Crush, Angrybirds afschieten en nog veel meer. Vele loondienstmedewerkers herkennen zichzelf, maar vooral hun collega’s hier in. Daar is geen aanvullend onderzoek voor nodig.

Dat bracht een van mijn klanten er toe om tijdens een werkoverleg het volgende voor te stellen.

  • Voor het vaste kantoorpersoneel blijven alle mobiele apparaten (smartphones en tablets) thuis of in de jaszak aan de kapstok bij binnenkomst. “Bereikbaar voor thuis, collega’s en/of klanten ben je ook met de vaste telefoon op het bureau”.
  • De ‘mobiele’ telefoonkosten voor de buitendienstmedewerkers worden in het werkoverleg vanaf juli 2014 inzichtelijk voor iedereen, “zodat je nog ruim de tijd hebt om het gebruik te ‘normaliseren’, indien nodig”.
  • PC’s op de werkplekken staan weer met de schermen richting de andere collega’s opgesteld. “Dat bespaart jullie rode oortjes als je vakantieveiling of facebook niet snel genoeg weg geklikt krijgt wanneer ik onaangekondigd aan je bureau sta”.

Degene die het hier niet mee eens was, mocht keiharde argumenten geven om voor hem of haar een uitzondering te maken. Geen van de 27 medewerkers meldde zich.

De consequentie is nog ongewis, maar er kunnen volgens mij maar twee uitkomsten mogelijk zijn:

  • een hogere output (kwantitatief of kwalitatief) of
  • er vindt een bescheiden personeelsreductie plaats.

Mijn klant vindt beiden prima. De keuze is aan de voetbalminnende of internettende medewerkers. ‘Game over’, dan maar?

Rentederivaten: Engelse lobbyclub bereid MKB NL te helpen in strijd tegen banken

19 mei 2014 2 reacties

Telegraaf, Jarco de Swart

De zeer succesvolle Engelse ondernemerslobbyclub Bully-Banks staat te popelen om Nederlandse mkb-ondernemers te helpen in hun strijd tegen de banken over hun rentederivaten. Mede dankzij Bully-Banks hebben Britse banken al €1 miljard aan schadevergoeding uitgekeerd en oprichter en voorzitter Jeremy Roe is ervan overtuigd dat zijn organisatie ook voor Nederlandse mkb’ers hoge schadevergoedingen kan afdwingen.

Jeremy Roe is een Engelse ondernemer uit Devon, waar hij vakantiehuisjes verhuurt met uitzicht op zee. Een paar jaar geleden ontdekte Roe zelf welke invloed een renteswap kan hebben op de bedrijfsvoering van zijn onderneming, maar hij dacht alleen te staan. „Totdat een voormalige ambulancerijder mij benaderde, die hetzelfde probleem bleek te hebben. Het duurde niet lang voordat ik me realiseerde dat er veel meer kleine ondernemers in hetzelfde schuitje moeten zitten”, vertelt Roe in een interview met deze krant.

Bully Banks

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Foto: Telegraaf

Bully-Banks

Roe zette in november 2011 een website onder de naam Bully-Banks (’Pestkop Banken’, red.) op en wachtte af. Drie maanden na de start, hield hij een bijeenkomt voor gedupeerden waarop zo’n 100 ondernemers afkwamen. Inmiddels zijn er zo’n 2000 bedrijven aangesloten met in totaal zo’n 5000 ondernemers. In april 2012 stond het onderwerp dankzij intensief lobbywerk van de ondernemers zelf bij hun lokale parlementsleden op de agenda van het Engelse parlement. 

Onvoldoende voorlichting

Niet veel later startte de Engelse toezichthouder op de financiële sector (FCA) een eerste onderzoek naar de verkoop van renteswaps aan het mkb. Daaruit kwam naar voren dat er weldegelijk sprake is geweest van ’misselling’ (misverkopen, red.), vooral omdat ondernemers onvoldoende waren voorgelicht over de risico’s bij dalende rente en de kosten van het tussentijds beëindigen van de swap.

Nu al een miljard aan schadevergoedingen

Niet lang daarna had de FCA een mechanisme op poten gezet dat erop gericht was om banken te dwingen de schade te vergoeden die mkb bedrijven hadden opgelopen als gevolg van hun renteswap. En de FCA zet daar, met de zware lobbymacht van onder meer Bully Banks in zijn nek, behoorlijk druk op met als gevolg een indrukwekkend en groeiend aantal schadevergoedingen. Inmiddels hebben Engelse banken al zo’n 5700 ondernemingen betaald voor een totaalbedrag van ongeveer €1 miljard, oftewel €170.000 per stuk. Maar voor Row is het nog lang niet genoeg. „Voor een op de vijf ondernemers die een schadevoorstel hebben ontvangen, beoordelen wij het voorstel als onvoldoende. Bovendien, een flink aantal ondernemers is niet toegelaten tot het herstelmechanisme en komt dus niet in aanmerking voor beoordeling en vergoeding.”

´Ook in Nederland tienduizenden gedupeerden´

Row is ervan overtuigd dat ook zijn Nederlandse collega-ondernemers op dezelfde manier gedupeerd zijn door hun banken met een kostbare renteswap als veel Engelse ondernemers. De Nederlandse AFM heeft in twee rapporten vastgesteld dat in het verleden niet altijd sprake is geweest van zorgvuldige advisering door banken. In Nederland zouden enkele tienduizenden ondernemers in het bezit zijn van een renteswapcontract met hun bank. In Engeland zijn dat er zo’n 30.000.

Volgens een inventariserend onderzoek van financieel expert Patrick van Gerwen (Cadension) zijn in Nederland tienduizenden ondernemers in het bezit van een ’renteruilovereenkomst’ met hun bank. De totale nominale waarde daarvan is €51 miljard, maar de negatieve marktwaarde staat net onder €4 miljard. Ondertussen klagen steeds meer ondernemers over de effecten die hun derivaat heeft op hun bedrijf en de informatie die zij hebben gehad bij de aanschaf ervan.

Toch staat het herstellen van deze onzorgvuldigheid van de banken in Nederland nog in de kinderschoenen. Zo nu en dan druppelen uitspraken van rechtbanken binnen, die de ene keer in het voordeel van de ondernemer en de andere keer in het voordeel van de bank uitvallen. Een onbekend aantal zaken is geschikt.

´Banken bezorgd´

Jeremy Row staat te popelen om de Nederlandse ondernemers te helpen. „Mijn advies is om zich bij Bully-Banks aan te sluiten. Maar dat initiatief moet wel van de Nederlandse ondernemers zelf komen. Als zij naar ons komen, kunnen wij hen zeker helpen. Ik weet nog niet precies hoe, maar we zetten een Nederlandse afdeling van Bully Banks op en pakken samen de banken aan. En verder trekken we Europa in. Want de banken zitten gewoonweg faliekant verkeerd op dit onderwerp. En ze zijn bezorgd over ons, want ze kennen onze reputatie.”

Tweede Kamer

Op 4 juni overlegt de Tweede Kamer over het onderwerp met minister Dijsselbloem (Financiën). Een groep betrokken advocaten en financieel experts verenigd in het Kenniscentrum Rentederivaten heeft in aanloop daar naartoe een petitie online gezet.

BRON: Telegraaf, 17 mei 2014

 

Samenvatting vd Reactie Kenniscentrum Rentederivaten (KCR) op Aanbevelingen AFM

12 mei 2014 1 reactie

Het Kenniscentrum Rentederivaten is een informele samenwerking tussen drie advocaten en twee financieel specialisten om hun praktijkkennis en ervaring te bundelen ten behoeve van het MKB. Het KCR heeft in april 2014 belangeloos een reactie geschreven op de Aanbevelingen Rentederivatendienstverlening van de AFM uit februari 2014. Dit document is een samenvatting van die reactie.

De AFM heeft gesignaleerd dat banken hun zaken niet op orde hadden bij de verkoop van rentederivaten aan het MKB. Het KCR juicht het toe dat de AFM aanbevelingen heeft gemaakt voor banken om hun werkwijze te verbeteren. Wel vindt het KCR dat die aanbevelingen niet ver genoeg gaan en dat ze op zich zelf nog niet bijdragen aan het bereiken van een oplossing voor in het verleden gemaakte fouten (de spreekwoordelijke verdronken kalveren).

Als eerste stap in de goede richting adviseert het KCR de volgende maatregelen:

  1. Het KIFiD of een andere geschillencommissie gaat zich buigen over de problemen van individuele MKB-ers;
  2. Er wordt een bepaalde periode ingesteld, waarin banken financieringen die samen met een rentederivaat zijn afgesloten niet vroegtijdig beëindigen, bij geschillen over het rentederivaat de kredietrelatie met de klant niet beëindigen én geen verdere verhogingen van de opslagen doorvoeren op leningen waarop een rentederivaat van toepassing is.

De AFM heeft aanbevelingen voor de toekomst gegeven. De uitkomsten van een toegezegd onderzoek naar de problemen van MKB-ers zijn door de AFM echter niet naar buiten gebracht. Het KCR vindt dat die uitkomsten alsnog openbaar gemaakt zouden moeten worden.

Het KCR constateert de volgende problemen bij het MKB:

    • de door de banken gebruikte documentatie is onvoldoende op de doelgroep MKB afgestemd;
    • de producten zijn niet goed op de onderliggende bedrijfsfinanciering afgestemd, waardoor de MKB-er vaak teveel betaalt;
    • banken hebben vaak de renteopslag verhoogd, terwijl zij bij de klant de indruk hadden gewekt dat met het rentederivaat de rentelasten vast stonden;
    • de rentederivaten kregen als gevolg van de lage marktrente een negatieve waarde, wat de bank ertoe aanzetten om in sommige gevallen de risico-opslag te verhogen;
    • de huidige negatieve waarde belemmert een overstap naar een andere bank;
    • vervroegde aflossingen zijn door de lange looptijd van de swaps (vaak 10 jaar) en de negatieve waarde feitelijk onmogelijk en/of onbetaalbaar geworden;
    • de negatieve waarde van een rentederivaat is onvergelijkbaar met, en aanmerkelijk hoger dan een boeterente bij een lening tegen vaste rente.

De AFM houdt de mogelijkheid open dat de klant zelf om een rentederivaat vroeg. De praktijk wijst anders uit. Het initiatief tot het afsluiten van een rentederivaat kwam steevast van de bank. In veel gevallen is twijfelachtig welk belang de klant zou hebben bij een rentederivaat. Als een nieuwe lening wordt gesloten en de klant kiest ervoor de rente te fixeren, dan heeft hij er doorgaans geen enkel belang bij om een geldlening tegen variabele rente af te sluiten met daarnaast een renteswap.

De commerciële en andere motieven van banken om op zo’n grote schaal rentederivaten aan het MKB te verkopen, dienen beter onderzocht te worden. Waar nodig dienen de combinatieproducten (een lening tegen variabele rente met een bijbehorende renteswap) vervangen te worden door een lening tegen vaste rente.

Het KCR heeft geconstateerd dat in de praktijk renteswaps werden afgesloten voor hoofdsommen en looptijden, die niet bij de financieringsbehoefte van de klant pasten.

Het KCR constateert dat de (bijzondere) zorgplicht op meerdere fronten verzaakt is. Zo is de mondelinge en schriftelijke informatie, die banken aan hun klanten verstrekten in zeer veel gevallen ondermaats, in het bijzonder op de volgende onderwerpen: opslagen, negatieve waarde, zekerheidsverplichting (margin), tussentijdse aflossingen, bedrijfsbeëindiging en mogelijk toekomstige mismatches. Ook over hun rol lieten banken veel verwarring ontstaan. Ze adviseerden, maar merkten de dienstverlening zelf aan als ‘execution only’ (het uitvoeren van orders zónder te adviseren).

Aangezien rentederivaten complexe producten zijn, waar maar zeer weinig externe adviseurs voldoende voor geëquipeerd zijn, hadden banken geen rentederivaten mogen afsluiten op basis van deze ‘execution only’ en hadden zij ofwel zelf hun klant grondig moeten adviseren, ofwel hen eerst moeten verwijzen naar een extern adviseur die aan de juiste vergunnings- en bekwaamheidseisen voldeed.

Het KCR vindt dat de AFM een duidelijk oordeel moet uitspreken over de geconstateerde handelwijze van banken. Als de AFM concreet aangeeft wat wel en wat niet in overstemming is met de toezichtwetgeving, dan biedt dat MKB-ers, banken èn rechters houvast bij het vaststellen van oplossingen voor ondervonden problemen.

Tenslotte vindt het KCR het een gemiste kans dat de aanbevelingen van de AFM niet ingaan op EMIR. MKB-ers worden thans geconfronteerd met brieven van de bank over de nieuwe Europese wetgeving. Het KCR constateert dat banken verschillend met die wetgeving omgaan en daarbij vooral hun eigen belang voorop stellen. De nieuwe EMIR wetgeving en de wijze waarop de banken deze wetgeving implementeren geeft veel onzekerheid voor MKB-ers en zorgt voor een aanmerkelijke lastenverzwaring. Op dit gebied hadden aanbevelingen van de toezichthouder niet achterwege mogen blijven.

1. Het volledige AFM-rapport:

http://www.afm.nl/~/media/Files/publicatie/2014/aanbevelingen-rentederivatendienstverlening.ashx

2. Het volledige KCR-rapport:

http://wijnba.nl/assets/doc/KCR_reactie%20rapport%20AFM_14april2014.pdf

 

 

%d bloggers liken dit: